Geen fatsoenlijke rechtsbescherming ondernemers bij terugbetaling coronaschulden
02 december 2021 

Geen fatsoenlijke rechtsbescherming ondernemers bij terugbetaling coronaschulden

Maar liefst 270.000 ondernemers hebben corona belastingschulden. Deze schulden zullen de komende jaren door de ondernemers moeten worden terugbetaald, maar helaas ontbreekt fatsoenlijke rechtsbescherming.

De staatssecretaris van Financiën heeft herhaaldelijk aangegeven dat de terugbetalingsregeling soepel is, maar dat neemt naar mijn mening niet weg dat er fatsoenlijke rechtsbescherming moet zijn als er problemen ontstaan over de uitvoering van die regeling.

Bent u een ondernemer met corona belastingschulden? Wilt u meer weten over de betalingsregeling en de rechtsbescherming bij corona belastingschulden? Hierna bespreek ik het terugbetalingsbeleid, daarna bespreek ik de rechtsbescherming die u als ondernemer heeft als de regeling alsnog wordt geweigerd of als de regeling tussentijds wordt beëindigd. Tot slot ga ik in op de wetgeving waarin de toegang tot de belastingrechter regelt, maar die nog niet is ingevoerd.

Beleid terugbetaling coronaschulden

Termijn en aanvang terugbetalingsregeling

Bent u ondernemer met corona belastingschulden, dan krijgt u in totaal 5 jaar (60 maanden) om de coronaschulden die zijn opgebouwd in de periode van maart 2020 tot oktober 2021 terug te betalen. U gaat betalen vanaf 1 oktober 2022. Dat betekent dat het komende jaar nog niet op de corona belastingschuld hoeft te worden afgelost.

Verder uitstel lopende verplichtingen: voorwaarden en termijn

Vanaf 1 oktober 2021 moet u wel weer de lopende verplichtingen bijhouden. Naast het tijdig indienen van de aangiften moeten de belastingen ook weer op tijd worden betaald.

Lukt het niet om de belastingen vanaf 1 oktober 2021 op tijd te betalen dan kan onder strikte voorwaarden verder uitstel van betaling tot en met 31 januari 2022 worden verkregen.  De betalingsproblemen moeten dan wel door de coronacrisis zijn ontstaan, de problemen moeten van tijdelijke aard zijn en de onderneming moet levensvatbaar zijn. Is de schuld op het moment van het verzoek meer dan €20.000 dan moet er een derde verklaring (bijv. van een accountant) worden overgelegd waarin wordt verklaard dat aan de voorwaarden is voldaan. Het verzoek om verder uitstel kan worden gedaan tot en met 31 januari 2022.

Wat als er geen verder uitstel wordt verleend?

Meent de belastingdienst dat niet wordt voldaan aan de voorwaarden voor verder uitstel dan zal het verzoek worden afgewezen. Veelal zal dat betekenen dat er een belastingschuld is die niet tijdig is betaald.

Voor toepassing van de soepele betalingsregeling van 5 jaar heeft dat niet direct gevolgen. Kunt u de belastingen in de periode 1 oktober 2021 tot 1 oktober 2022 niet op tijd betalen, dan kan nog steeds gebruik worden gemaakt van de soepele betalingsregeling van 5 jaar.

Vanaf 1 oktober 2022 wordt dat anders en moeten de lopende verplichtingen wel tijdig worden betaald om in aanmerking te blijven komen voor de soepele betalingsregeling. Daarnaast moeten vanaf 1 oktober 2022 ook de opgebouwde corona belastingschulden in maandelijkse termijnen worden gaan betaald. Lukt dat niet dan zal de soepele betalingsregeling worden beëindigd en dient de schuld in een keer te worden voldaan.

Welke rechtsmiddelen heeft u?

 Hoewel de coronabetalingsregeling een stuk soepeler is, wat betreft voorwaarden en termijn dan gebruikelijk is, is de kans dat een substantieel aantal van die 270.000 ondernemers gedurende de looptijd van de regeling tijdelijk niet aan de regeling zal kunnen voldoen reëel. Welke mogelijkheden heeft u als ondernemer dan om opnieuw toegang tot die regeling te krijgen?

Beroep bij de directeur

Als de belastingdienst de betalingsregeling alsnog weigert of tussentijds beëindigt omdat niet (meer) aan de voorwaarden van de regeling wordt voldaan, kan tegen de afwijzende beslissing beroep worden ingesteld bij de directeur van de belastingdienst. De directeur toetst of het beleid goed is toegepast. Dat is een strikte toets.

Toetsing onafhankelijke rechter

Wijst de directeur het beroep af? Dan is er geen mogelijkheid om die beslissing voor te leggen aan een rechter.

Pas als de belastingdienst beslag heeft gelegd en een verkoop heeft aangekondigd, kunt u naar de rechter, de burgerlijke rechter. De burgerlijke rechter toetst of de belastingdienst tot beslaglegging en executie mag overgaan. Is er een belastingschuld die niet op tijd is betaald, dan zal de belastingdienst over het algemeen in het gelijk worden gesteld. De eerdere beslissing waarbij de betalingsregeling is geweigerd of beëindigd, wordt dus niet door de burgerlijke rechter getoetst.

Toegang tot de belastingrechter

De rechtsbescherming bij de invordering van belastingen is naar mijn mening zeer gebrekkig. Ik sta daarin niet alleen. De afgelopen periode is er vanuit verschillende hoeken aandacht geweest voor dit onderwerp. Zo heeft een Commissie die de rechtsbescherming in belastingzaken heeft beoordeeld, op 20 april 201 in een uitgebreid rapport aangegeven dat de rechtsbescherming in de invordering slecht is.

De wet die het mogelijk maakt de beslissing waarbij uitstel van betaling is geweigerd of beëindigd, te laten toetsen door een onafhankelijke rechter is er wel. Deze wet is 5 jaar geleden al door de Eerste en Tweede Kamer aangenomen, maar is tot op heden nog niet ingevoerd.

Op 15 september 2021 is er een interview met mij gepubliceerd over dit onderwerp op het fiscale online platform, Tax Live. Naar aanleiding daarvan zijn Kamervragen gesteld en de staatssecretaris heeft de vragen op 15 oktober 2021 beantwoord.

De staatssecretaris erkent inmiddels wel het belang van de rechtsbescherming, maar tot invoering van de Wet heeft dit helaas nog niet geleid.

Wilt u meer weten over de betalingsregeling voor corona belastingschulden of de rechtsbescherming? Neem dan gerust contact op via info@taxstudio.nl of 020 244 16 22.

Diana Jansen

Over de schrijver
Reactie plaatsen